In de kijkerYoungtimers

My … Celica … is fantastic

By 3 december 2020december 9th, 2020No Comments

NET ALS DE OPEL MANTA BLAAST DE TOYOTA CELICA IN 2020 VIJFTIG KAARSJES UIT. DE SLANKE COUPE KWAM VOOR TOYOTA OP HET JUISTE MOMENT. NADAT EEN IMAGO VAN BETROUWBAARHEID EN KLANTVRIENDELIJKHEID WAS OPGEBOUWD, WAS HET TIJD VOOR EEN MODEL DAT TOT DE VERBEELDING SPRAK.

Toyota introduceerde samen met de Celica de slogan ‘My Toyota is Fantastic’! ‘De Celica was een godsgeschenk’, herinnert de ex-deputy manager van Toyota België zich. ‘Na een moeilijke start met auto’s die nauwelijks aan de Europese rij-omstandigheden waren aangepast, evolueerde Toyota snel naar een merk dat werd geprezen voor zijn betrouwbaarheid. Helaas ontbrak het ons aan sportieve, tot de verbeelding sprekende modellen. En toen kwam de Celica, een auto waarop men trots kon zijn. Vandaar ‘My Toyota is Fantastic’, waarbij ik bewust de nadruk leg op ‘My’. Want het was niet om het even welke Toyota die fantastisch was, maar mijn Toyota.’ Ter aanvulling nog even dit, Celica is afgeleid van het Latijnse coelica, wat hemels betekent.

Bij het ontwerpen van de Celica hadden de Japanners ook naar de Mustang gekeken, wat niet belette dat de sportieve Toyota er erg Japans bleef uitzien, wat in die tijd niet bij iedereen in de smaak viel. Het verklaart misschien waarom de Celica op de oldtimermarkt eerder een laatbloeier is. Om je een idee te geven, toen we in 2008 voor het eerst met een Celica GT reden, werd de waarde op een goede 7.000 euro geschat. Vandaag verkoopt Holvoet puntgaaf gerestaureerde Celica’s voor 35.000 euro.

Het moet gezegd worden, dat Toyota in die tijd zeer snel evolueerde. De Japanners waren (en zijn) zeer gevoelig aan de opmerkingen van hun publiek, waardoor de auto’s steeds beter werden. Zo kregen de vroege Toyota’s meer dan één veeg uit de pan omwille van hun slecht geleide achteras, wat zeer goed voelbaar was aan hoge snelheden. Weliswaar een typisch Europees probleem, want in Japan mocht zo snel niet worden gereden, maar precies daarom kregen de Celica en de Carina, de familieberline waarmee de Celica zijn mechanische componenten deelde, een sterk verbeterde achterwielophanging met weliswaar ook een starre achteras, die in goede banen werd geleid door twee trekstangen en een Panhard-stang.

Toyota bood de Celica aan in drie versies: de LT met een 75 pk sterke motor, de ST met dezelfde motor maar met een dubbele carburator en 86 pk en de GT met een motor die met de vorige alleen het blok gemeen had. De GT-motor onderscheidde zich door zijn twee bovenliggende nokkenassen en werd gevoed door twee dubbele carburators. Deze motor, die sterk op de Alfa Romeo-motor uit die tijd leek, was goed voor 108 pk. En de Celica had een bijkomende troef. Hij was de enige met een vijfbak, die afhankelijk van de versie een optie was.

De Toyota Celica was, in tegenstelling tot de Capri en de Manta een echte wereldauto,  die ook in de Verenigde Staten de kopers bij bosjes naar de Toyota-garages lokte. Toen hij in 1977 werd vervangen door de tweede generatie van de Celica, waren er al 1,2 miljoen van verkocht.

De Toyota Celica hield het ook het langst vol. Na zeven generaties en 4.129.626 exemplaren werd de productie in 2006 stopgezet.