In de kijkerSpecial Stories

Wat maakte Jim Clark zo uitzonderlijk?

By 7 april 2020No Comments

Op 7 april 1968 gebeurde wat niemand voor mogelijk hield. Tweevoudig wereldkampioen en Indy 500-winnaar Jim Clark verongelukte op het circuit van Hockenheim in een Formule 2-race die hij eigenlijk niet had moeten rijden. Dat weekend had hij een sportwagenrace in Brands Hatch op zijn agenda staan. Tot Colin Chapman belde … In Masta vertelt zijn vriend en mentor Ian Scott Watson wat Jim Clark zo uitzonderlijk maakte.

“Ik merkte al vlug dat Jimmy een uitzonderlijk talent was. De eerste keer dat ik het stuur van mijn DKW aan hem overliet, was hij meteen drie seconden sneller dan ik. Wat me bij hem vooral opviel, was zijn zin voor anticipatie. Het gebeurde dat we samen aan het rijden waren en dat hij plots begon rond te kijken en snelheid te minderen. Pas toen we over de heuvel kwamen, merkte ik dat er een ander voertuig achter een bosje kwam uitgereden. Het klinkt ongelooflijk, maar Jimmy voelde dat soort dingen aan”, herinnert Ian Scott Watson zich.

“Jimmy was ook zeer atletisch. Hij had een korte, gespierde romp en lange benen. In die tijd speelde hij hockey en toen hij voor het eerst de start nam in Le Mans, klopte hij Stirling Moss, die toch bekend stond als een snelle sprinter.”

“Jimmy was zeer verlegen. Hij kon maar niet begrijpen waarom iemand zoveel drukte om hem maakte. Wat hij deed, was toch maar gewoon met de auto rijden. Hij vroeg zich ook steeds af of hij wel goed genoeg was om met deze of gene auto te rijden. Maar zodra hij in die auto zat, was hij seconden sneller dan wie ook.”

 

“In 1959 werd Jimmy door de Ecurie Ecosse gevraagd om samen met zijn grote idool Masten Gregory in een Tojeiro Jaguar de Tourist Trophy te rijden. Jim vond dat er iets niet klopte met de afstelling van de auto, maar slaagde er toch in zich op te werken naar een vierde plaats. Masten nam daarop het stuur over, maar viet terug naar de achtste plaats. Daarop brak er iets aan de auto en Masten had een zwaar ongeval. Maar het feit dat Jimmy sneller was geweest dan de man waarvoor hij een grenzeloze bewondering koesterde, betekende een keerpunt in zijn carrière.”

Dit zijn fragmenten van het verhaal dat Ian Scott Watson (foto hierboven) in Masta vertelt over hoe hij zijn vriend Jim Clark bijna letterlijk mee naar de hoogste regionen van de autosport duwde.  Het volledige verhaal kan u lezen in Masta ‘Het Boek’ dat u via de link ‘Masta kopen‘ kan bestellen. 

Alle foto’s zijn © David Noels en archief Ford